Inhoud

Wat verandert er per 1 januari 2019?

Net als ieder jaar hebben wij ook dit jaar te maken met de Prinsjesdag. Wat verandert er precies 1 januari 2019? Wij hebben de belangrijkste veranderingen voor jou op een rijtje gezet.

Particulieren

Het speerpunt van het kabinet is: ‘vertrouwen in de toekomst’.  De economie draait momenteel op volle toeren en de werkgelegenheid is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Het kabinet verlaagt daarom de lasten op arbeid, maar het kabinet verhoogt ook de algemene heffingskorting extra met €44,00, bovenop de reeds in het regeerakkoord aangekondigde stijging van €140,00 zodat ook mensen met een laag inkomen en een uitkering profiteren van de economische groei. Onderstaand een overzicht met de netto bedragen, waar het salaris mee zal toenemen.

Bruto jaarsalaris    Toename netto per maand
€  36.000,00 €  58,91
€  48.000,00 €  57,83
€  60.000,00 €  56,66
€  72.000,00 €  49,50
€ 120.000,00 € 111,08

 

Invoering tweeschijvenstelsel

De belasting over inkomen wordt nu nog berekend via een vierschijvenstelsel. Door de invoering van een tweeschijvenstelsel in 2021 nemen de besteedbare inkomens toe van alle personen met een inkomen vanaf €20.000,00 per jaar. De tarieven worden beperkt tot twee schijven, te weten een basistarief van 37,05 procent en een toptarief van 49,5 procent voor inkomen hoger dan €68.507,00.

Ook wordt het minder van belang of inkomen in een huishouden met één of twee personen wordt verdiend.

Let op! Voor AOW-gerechtigden gelden er drie tarieven vanaf 2021.

Verhoging arbeidskorting

Wanneer je arbeidsinkomen of een ziektewetuitkering ontvangt, heb je veelal recht op een vermindering van de verschuldigde belasting en premies volksverzekeringen in de vorm van de arbeidskorting. Jouw werkgever en/of UWV houden hier rekening mee bij de inhoudingen op jouw salaris en/of ziektewetuitkering. Vanaf een bepaald inkomensniveau, te weten € 34.060,00 voor 2019, neemt de hoogte van de arbeidskorting evenredig af naarmate jouw inkomen stijgt. Voor 2019 komt de arbeidskorting hierdoor uit op een bedrag van maximaal € 3.399,00.

Let op! Vanaf 2020 hebben zieken met een ziektewetuitkering niet lager recht op de arbeidskorting. Echter geldt er wel een uitzondering voor mensen die een vrijwillige ziekteverzekering hebben afgesloten.

Verhoging heffingskorting

De door jou verschuldigde inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen worden verminderd met heffingskortingen.  De hoogte van één van de heffingskortingen, te weten de algemene heffingskorting neemt af naarmate jouw inkomen hoger is. Het voorgestelde afbouwpercentage voor de algemene heffingskorting neemt voor 2019 toe naar 5,147%. De algemene heffingskorting komt daarmee (voor 2019) uit op een bedrag van maximaal € 2.477,00.

Verhoging ouderenkorting

Ouderen welke gepensioneerd zijn kunnen aanspraak maken op de ouderenkorting.
De ouderenkorting is een heffingskorting, welke de verschuldigde belasting vermindert.
De ouderenkorting wordt verhoogd naar € 1.596,00.

Verhoging jonggehandicaptenkorting

Heb je recht op een Wajong-uitkering? Of heb je recht op ondersteuning bij het vinden van werk volgens de wet Wajong? Of krijg je de uitkering niet omdat deze samenvalt met een andere uitkering? Dan heb je recht de jonggehandicaptenkorting. De jonggehandicaptenkorting wordt verhoogd naar € 737,00.

Heffingskorting buitenlandse belastingplichtigen

Niet-kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen die inwoner zijn van een EU-lidstaat, de EER, Zwitserland of de BES-eilanden, krijgen wettelijk recht op het belastingdeel van de arbeidskorting en de inkomensafhankelijke combinatiekorting. Hetzelfde geldt voor buitenlandse belastingplichtigen die een onderneming drijven met behulp van een vaste inrichting in Nederland. De hoogte van het belastingdeel van de arbeidskorting en de heffingskorting wordt gebaseerd op het wereldarbeidsinkomen.

Verhoging vrijwilligersregeling

Er wordt voorgesteld om met ingang van 1 januari 2019 het plafond van de vrijwilligersregeling te verhogen tot € 170,00 per maand en € 1700,00 per kalenderjaar.

Geen overgangsmaatregel inkorten 30%-regeling
Als je in Nederland komt werken, maak je mogelijk extra kosten, de zogenoemde extraterritoriale kosten. Jouw werkgever mag jou dan een vrije onbelaste vergoeding geven voor de extraterritoriale kosten die je maakt. In plaats van het vergoeden van de werkelijke extraterritoriale kosten mag jouw werkgever ook de extraterritoriale kosten vergoeden door 30% van jouw loon, inclusief vergoeding, belastingvrij te verstrekken. Deze regeling staat bekend als de 30%-regeling. Hiervoor is het niet nodig eventuele onkosten te bewijzen. De looptijd van de 30%-regeling wordt verkort van acht naar vijf jaar met ingang van 1 januari 2019. Er wordt geen overgangsrecht ingevoerd bij de verkorting van de looptijd van de 30%-regeling. Enige tegemoetkoming is dat schoolgeld voor internationale scholen voor het schooljaar 2018/2019 – dat na 1 januari wordt vergoed – onbelast mag blijven als die vergoeding plaatsvindt binnen de oorspronkelijke looptijd van de regeling.

Kindregelingen

In 2015 zijn de elf kindregelingen teruggebracht naar vier, te weten: de kinderbijslag, het kindgebonden budget, de inkomensafhankelijke combinatiekorting en de kinderopvangtoeslag.  Onderstaand wordt een toelichting op bovengenoemde kindregelingen uiteengezet.

Kinderbijslag

Met de kinderbijslag betaalt de overheid mee aan de kosten, welke zien op de opvoeding van een kind. Woon of werk je in Nederland en heb je kinderen jonger dan 18 jaar, dan krijg je waarschijnlijk kinderbijslag. De bedragen voor de kinderbijslag in 2019 zijn als volgt vastgesteld:

Kinderbijslag 2019

Leeftijd 0 t/m 5 jaar  6 t/m 11 jaar  12 t/m 17 jaar 
Per kind € 216,58 € 262,99 € 309,40

Met ingang van 2016 zijn de regels voor ouders met kinderen in het buitenland veranderd. Woont jouw kind in een land dat geen lid is van de EU/EER en ook niet in Zwitserland? Dan wordt de kinderbijslag aangepast aan het kostenniveau van het woonland. Per land is vastgesteld op hoeveel kinderbijslag aansprak gemaakt kan worden. Echter zijn er een aantal landen, waar geen rekening wordt gehouden met de kosten van het woonland, dit betreft de landen: Marokko (geldt enkel voor kinderen die vóór 1 oktober 2016 in Marokko wonen), Israël, Suriname en Zuid-Korea.

Let op! Een kind mag maximaal € 1.285,00 netto per kwartaal bijverdienen zonder dat dit gevolgen heeft voor de kinderbijslag. Wordt er meer verdiend in een kwartaal, dan vervalt voor dat kwartaal de kinderbijslag. Vakantiewerk in de zomervakantie geeft de mogelijkheid om ‘straffeloos’ tot € 1.319,00 extra bij te verdienen.

Kindgebonden budget

>Het kindgebonden budget is een inkomensafhankelijke tegemoetkoming van de overheid in de kosten van kinderen voor gezinnen tot een bepaald inkomen en vermogen. Gezinnen met een inkomen van maximaal € 20.451,00 (2018) of een vermogen van maximaal € 143.415,00 (2019) kunnen aanspraak maken op het volledige kindgebonden budget. Het bedrag voor het vierde en ieder volgend kind wordt per 2019 structureel verhoogd met € 295,00.

Let op! De inkomensgrens voor 2019 is nog niet vastgesteld.

Bedragen kindgebonden budget 2019

Huishouden Hoogte  bedrag per jaar
Gezin met 1 kind maximaal € 1.150,00
Gezin met 2 kinderen maximaal € 2.050,00
Gezin met 3 kinderen maximaal € 2.335,00
Gezin met 4 kinderen en ieder volgend kind  maximaal € 2.335,00 +
€ 295,00 extra per volgend kind
Alleenstaande ouderkop € 3.101,00 per  jaar

Inkomensafhankelijk combinatiekorting

Gezinnen met kinderen onder de twaalf jaar en een minimaal inkomen van 4.993,00 kunnen aanspraak maken op de inkomensafhankelijke combinatiekorting. De maximale inkomensafhankelijke combinatiekorting in 2019 bedraagt € 2.835,00.

Kinderopvangtoeslag

Gezinnen, welke werken en kinderen hebben tot de leeftijd waarop zij het basisonderwijs volgen kunnen aanspraak maken op de kinderopvangtoeslag. De kinderopvangtoeslag gaat in 2019 omhoog. De maximale uurtarieven stijgen ten opzichte van 2018 flink.

 

Soort kinderopvang    Leeftijd  Tarieven per uur 2018     Tarieven per uur 2019
Dagopvang 0-4 jaar   € 7,45 € 8,02
BSO 4-12 jaar     € 6,92 € 6,89
Gastouderopvang 0-12 jaar   € 5,91 € 6,15

Box 3 vermogensheffing

Het heffingvrije vermogen per persoon wordt verhoogd naar € 30.360,00 en het forfaitaire rendement van de vermogensschijven wijzigt naar:

  • 1,94% voor belast vermogen van € 30.360,00 tot € 102.010,00;
  • 4,45% voor belast vermogen van € 102.010,00 tot € 1.020.096,00 en
  • 5,60% over het meerdere.

Premie zorgverzekering

De nominale zorgpremie in 2019 komt gemiddeld uit op € 1.432,00. Een verhoging van ongeveer € 124,00. Het verplichte eigen risico voor volgend jaar wordt niet verhoogd en blijft op
€ 385,00 staan. Degenen die nu zorgtoeslag ontvangen zullen volgend jaar maximaal € 1.233,00 (alleenstaanden) meer ontvangen. Voor huishoudens met meerdere personen gaat de zorgtoeslag met maximaal € 281,00 omhoog naar € 2.402,00

Eigenwoningforfait

Het eigenwoningforfait voor woningen van meer dan € 75.000,00 wordt verlaagd naar 0,65 procent. Tot en met 2023 wordt het eigenwoningforfait stapsgewijs verlaagd naar 0,45 procent. Het eigenwoningforfait voor woningen van meer dan € 1.060.000,00 euro blijft 2,35 procent.

Eigenwoningforfait uitzendregeling

Voor het belastingjaar 2018 wordt het eigenwoningforfait bij toepassing van de uitzendregeling met terugwerkende kracht verlaagd naar 1,15 procent.

Hypotheekrente aftrek

Het kabinet heeft voorgesteld om met ingang van 1 januari 2020 het tarief waartegen aftrekbare kosten met betrekking tot een eigen woning in aanmerking worden genomen versneld af te bouwen. De hypotheekrenteaftrek wordt verder afgebouwd tot 49 procent. Vanaf 2020 wordt de hypotheekrenteaftrek versneld afgebouwd in vier stappen van drie procentpunt naar 37,05 procent in 2023. Voor de volgende grondslagverminderende posten gaat eenzelfde tariefmaatregel gelden:

  • De ondernemersaftrek, bestaande uit de zelfstandigenaftrek bij arbeidsongeschiktheid en de stakingsaftrek;
  • De MKB-winstvrijstelling, mits het gezamenlijke bedrag van de met de ondernemersaftrek verminderde winst positief is;
  • De terberschikkingsvrijstelling, mits het gezamenlijke bedrag van het resultaat uit werkzaamheden positief is;
  • De persoonsgebonden aftrek op dit moment bestaande uit de uitgaven voor onderhoudsverplichtingen, de uitgaven voor specifieke zorgkosten, de weekenduitgaven voor gehandicapten, de scholingsuitgaven, de uitgaven voor monumentenpanden, de aftrekbare giften, het restant persoonsgebonden aftrek van voorgaande jaren en – op grond van overgangsrecht- verliezen op beleggingen in durfkapitaal.

Aanpassing regeling belastingrente

Het kabinet wil de regeling belastingrente aanpassen. Om aan te sluiten bij het uitgangspunt van de regeling belastingrente voor de inkomstenbelasting wordt voorgesteld om met betrekking tot de erfbelasting te bepalen dat degene die tijdig een verzoek om een voorlopige aanslag doet of tijdig aangifte doet, geen belastingrente in rekening wordt gebracht indien de (voorlopige of de definitieve) aanslag erfbelasting wordt vastgesteld overeenkomstig het ingediende verzoek of de ingediende aangifte.

Ondernemers

De afgelopen jaren is er veel gediscussieerd over de lastenverlichting. Helaas zullen ondernemers het komend jaar een lastenverzwaring voor de kiezen krijgen. De belangrijkste veranderingen worden hieronder opgesomd.

  1. Ondernemersaftrek
    Het aftrektarief van ondernemersaftrek volgt vanaf 2020 het afbouwtraject van de hypotheekrenteaftrek. De ondernemersaftrek bestaat uit de zelfstandigenaftrek, de aftrek voor speur- en ontwikkelingswerk, de meewerkaftrek, de startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid en de stakingsaftrek.
  2. MBK-winstvrijstelling
    Het aftrektarief van de MKB-winstvrijstelling wordt afgebouwd tot 51,75 procent. Vanaf 2020 volgt dit aftrektarief het afbouwtraject van de hypotheekrenteaftrek (van 46 procent in 2020 tot 37,05 procent in 2023). Het aftrektarief geldt als het gezamenlijke winstbedrag verminderd met de ondernemersaftrek positief is.
  3. Tarief box 2
    Het box 2-tarief gaat gefaseerd omhoog van 25 procent naar 26,25 procent in 2020 en 26,9 procent in 2021.
  4. Verliesverrekening box 2
    De voorwaartse verrekening van verliezen in box 2 wordt verkort van negen naar zes jaar, conform de voorwaartse verliesverrekening in de vennootschapsbelasting.
  5. Schulden dga bij eigen bv
    Het kabinet gaat belastinguitstel van dga’s ontmoedigen. Voor zover de totale som aan schulden van de directeur-grootaandeelhouder aan de eigen bv meer bedraagt dan
    € 500.000,00 wordt deze belast in box 2 als dividenduitkering. Deze maatregel wordt in het voorjaar 2019 in een wetsvoorstel uitgewerkt en zou per 2022 in werking moeten treden.
    Er komt overgangsrecht voor bestaande eigenwoningschulden.

    Let op! Een gewaarschuwd mens telt voor twee. Constructies die worden opgezet om doelbewust geen belasting te betalen – door geld uit te keren aan aandeelhouders of te schenken aan familieleden of vrienden – worden  ook aangepakt. Het wordt mogelijk deze belastingschuld te verhalen op bijvoorbeeld aandeelhouders die een winstuitdeling hebben gehad of familieleden en vrienden die een schenking hebben gekregen, met terugwerkende kracht tot 18 september 2018.
  6. Verhoging lage btw-tarief
    Het kabinet wil het lage btw-tarief verhogen van 6% naar 9%. Deze verhoging geldt per 1 januari 2019.
  7. Tarief vennootschapsbelasting (vpb) omlaag
    Vanaf 2019 gaat het tarief van de vennootschapsbelasting stapsgewijs omlaag. De eerste schijf wordt dan 19%, de tweede 24,30%. Vanaf 2020 dalen die tarieven naar 17,5% en 23,90%. In 2021 naar 16% en 22,25%.
  8. Beperking afschrijving gebouwen in eigen gebruik in de vennootschapsbelasting
    Ondernemers kunnen gebouwen in eigen gebruik alleen nog afschrijven als die in de boeken staan voor een bedrag hoger dan de WOZ-waarde.
  9. Dividendbelasting
    Het kabinet wil de dividendbelasting vanaf 2020 afschaffen.
  10. Kleineondernemersregeling (KOR)
    De KOR wordt per 1 januari 2020 gemoderniseerd. Kleine ondernemers met maximaal
    € 20.000 omzet in Nederland kunnen vanaf 1 januari 2020 kiezen voor een vrijstelling van omzetbelasting. Dit betekent dat de ondernemer geen btw in rekening brengt aan zijn afnemers en dus ook geen btw meer mag vermelden op zijn facturen. Hij is daarnaast ook ontheven van het doen van btw-aangiften en bijbehorende administratieve verplichtingen. Daar staat tegenover dat deze ondernemer de btw die andere ondernemers aan hem in rekening brengen niet in aftrek kan brengen. De regeling geldt alleen voor de door hem in Nederland verrichte goederenleveringen en diensten. Het kabinet wil hiermee de KOR vereenvoudigen voor bedrijven en de Belastingdienst. De regeling gaat ook gelden voor bijvoorbeeld stichtingen, verenigingen en bv’s.
  11. Afschaffing teruggave bpm taxivervoer
    Het kabinet wil bedrijven aansporen om milieuvriendelijkere straattaxi’s en taxibusjes voor bijvoorbeeld vervoer van gehandicapten of leerlingen te kopen. Voor auto’s die minder CO2 uitstoten, is de bpm lager. Voor auto’s die geen CO2 uitstoten hoeft geen aanschafbelasting te worden betaald.

Werkgever en werknemer

  1. Vervanging Wet DBA
    De nieuwe wet moet enerzijds (de inhuurder van) echte zelfstandigen zekerheid bieden dat er geen sprake is van een dienstbetrekking. En anderzijds schijnzelfstandigheid voorkomen.  
  2. Payrolling/nulurencontract
    Het soepeler arbeidsrechtelijk regime van de uitzendovereenkomst wordt buiten toepassing verklaard. Werknemers moeten qua (primaire en secundaire) arbeidsvoorwaarden ten minste gelijk worden behandeld met werknemers bij de inlener. De definitie van de uitzendovereenkomst wijzigt niet.
  3. Proeftijd
    De proeftijd wordt verruimd naar 5 maanden als een werkgever direct (als eerste contract) een contract voor onbepaalde tijd aanbiedt. Voor meerjaarscontracten (meer dan 2 jaar) wordt de proeftijd 3 maanden.
  4. Tijdelijke contracten
    De periode waarna elkaar opeenvolgende tijdelijke contracten overgaan in een contract voor onbepaalde tijd, wordt verlengd naar 3 jaar. Er komt meer ruimte om sectoraal af te wijken en de tussenpoos (van 6 maanden) te verkorten als het werk daarom vraagt. Deze optie wordt verruimd naar ander terugkerend tijdelijk werk dat ten hoogste gedurende een periode van 9 maanden kan worden verricht.
  5. Ontslag
    Ontslag op verschillende gronden zou weer mogelijk moeten worden.
  6. Transitievergoeding
    Werknemers krijgen vanaf het begin van hun arbeidsovereenkomst recht op transitievergoeding in plaats van na 2 jaar. Voor elk jaar in het dienstverband gaat de transitievergoeding een derde maandsalaris bedragen. Ook voor contractduren langer dan 10 jaar.

De mogelijkheid wordt verruimd om scholingskosten in mindering te brengen op de transitievergoeding. Scholing binnen de eigen organisatie gericht op een andere functie kan ook in mindering worden gebracht op de transitievergoeding.

De criteria om in aanmerking te komen voor de overbruggingsregeling transitievergoeding voor kleine werkgevers worden ruimer.

Bij beëindiging van een bedrijf door pensionering of ziekte, komen voorstellen om de transitievergoeding onder voorwaarden voor de werkgever te compenseren

  1. Loondoorbetaling bij ziekte
    Verkorting van de loondoorbetalingsperiode voor kleine werkgevers (tot 25 werknemers) van 2 naar 1 jaar.
  2. Partnerverlof wordt uitgebreid naar vijf dagen
    Wanneer de partner van de werknemer bevalt, dan heeft de werknemer met ingang van 2019 recht op betaald verlof van vijf dagen. Er komt vanaf 2020 ook een aanvullend kraamverlof voor partners van 5 weken. Tijdens het verlof ontvangt de werknemer een uitkering van het UWV, tegen 70% van het dagloon. De regeling voor adoptieverlof wordt verruimd naar 6 weken. Deze uitbreiding geldt ook voor pleegouders.

    Scholingskosten

    De fiscale aftrekpost voor scholingskosten wordt per 2020 vervangen door een individuele leerrekening voor alle Nederlanders die een startkwalificatie hebben behaald.

    Aanpak schijnconstructies

    De Inspectie gaat beter toezicht houden op het wettelijk minimumloon en intensiever controleren en handhaven van schijnconstructies, onveilige en ongezonde arbeidsomstandigheden en uitbuiting.

    Vragen?

    Heb je vragen over deze blog of heb je een andere juridische vraag? Neem dan contact met ons op!

Share
AUTEUR

Miss Legal is your best friend in legal needs.
MEER ARTIKELEN
Geen relevante artikelen beschikbaar.
Uitnodiging

Summer High Tea

Op 14 augustus organiseert BrandedU samen met Miss Legal het “Summer High Tea” netwerkevenement in Amsterdam voor ambitieuze vrouwen! Zien we je daar?