Inhoud

Finaal is niet altijd finaal bij een beëindigingsovereenkomst

Je werkgever overhandigt je een beëindigingsovereenkomst. Op het moment dat je een beëindigingsovereenkomst tekent, teken je voor finale kwijting over en weer. Dit betekent dat partijen geen vordering meer op elkaar kunnen instellen. Toch komt het voor dat een vordering niet onder de reikwijdte van het finaal kwijtingsbeding valt. Vier uitspraken illustreren dit.

Uitleg bepalingen beëindigingsovereenkomst

Bepalingen uit een beëindigingsovereenkomst moeten niet alleen taalkundig worden uitgelegd, zo schrijft de rechtspraak voor. De rechter onderzoekt ook met welke intentie partijen de overeenkomst hebben gesloten en wat zij redelijkerwijs in een bepaalde situatie van elkaar mochten verwachten. In deze afweging kan van belang zijn tot welke maatschappelijke kringen partijen behoren en welke rechtskennis van de partijen kan worden verwacht. Met andere woorden: ook bij een finaal kwijtingsbeding is niet alleen de taalkundige uitleg van belang.

Kwijtingsbeding 1

Vordering werknemer: middelloon- of eindloonregeling?
In deze zaak procedeert een werknemer over de toezegging van een middelloon- of een eindloonregeling voor zijn pensioen. Deze werknemer tekende de beëindigingsovereenkomst met het idee dat hij een eindloonregeling had. De werknemer ontvangt na het ondertekenen van de vaststellingsovereenkomst een brief. Daarin staat dat er een herberekening is gemaakt op basis van een middelloonregeling in plaats van een eindloonregeling. Als de werknemer hiertegen protesteert, stelt de werkgever zich op het standpunt dat de werknemer voor finale kwijting heeft getekend. De rechter oordeelt in het voordeel van de werknemer: het kwijtingsbeding van de vaststellingsovereenkomst omschrijft niet duidelijk voor welke vorderingsrechten ter zake het pensioen kwijting wordt verleend. Daarom kan de werkgever geen beroep doen op het kwijtingsbeding.

Kwijtingsbeding 2

Vordering werkgever: valt aansprakelijkheid werknemer jegens werkgever wegens fraude onder kwijtingsbeding van beëindigingsovereenkomst?
Nadat een werknemer de beëindigingsovereenkomst heeft getekend, ontdekt de werkgever onrechtmatige onttrekkingen van ict-gelden. Volgens de werknemer vallen de onrechtmatige onttrekkingen onder het bereik van het finaal kwijtingsbeding. De rechter oordeelt dat de werknemer er niet op kan en mag vertrouwen dat de werkgever met het kwijtingsbeding bereid is afstand te doen van zijn vorderingsrechten met betrekking tot de door hem gepleegde fraude. De werkgever was immers niet bekend met de fraude. Om deze reden kan de werknemer geen beroep doen op het kwijtingsbeding.

Kwijtingsbeding 3

Vordering werknemer: aansprakelijkheid bedrijfsongeval
Een werknemer overkomt een bedrijfsongeval. In diezelfde maand komen partijen overeen dat zij uit elkaar gaan. Partijen treffen een schikking die in een beëindigingsovereenkomst wordt opgenomen. De overeenkomst bevat ook een kwijtingsbeding. Vier jaar later stelt de werknemer de werkgever alsnog aansprakelijk voor het bedrijfsongeval. De werkgever stelt zich op het standpunt dat de werknemer nooit melding heeft gemaakt van het bedrijfsongeval; ook in een procedure over de rechtsgeldigheid van de beëindigingsovereenkomst is niet over het bedrijfsongeval gesproken. Daarnaast doet de werkgever een beroep op het kwijtingsbeding. De rechter oordeelt dat de werknemer niet aan het kwijtingsbeding kan worden gehouden. De werkgever mag er niet gerechtvaardigd op vertrouwen dat de werknemer afstand van deze rechten zal doen terwijl de werkgever op het moment waarop hij de beëindigingsovereenkomst tekende, niet eens wist dat de werknemer een bedrijfsongeval was overkomen. Daarom kan de werkgever geen beroep doen op het kwijtingsbeding.

Kwijtingsbeding 4

Vordering werknemer: vergoeding uit sociaal plan
Drie jaar na de beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst doet een voormalig werknemer alsnog een beroep op een bepaling uit het Sociaal Plan. Die bepaling schrijft voor dat een oud-medewerker een eenmalig bedrag krijgt uitgekeerd als hij na zijn ww-uitkering nog steeds werkloos is. De werkgever doet een beroep op het finaal kwijtingsbeding. De kantonrechter oordeelt dat de werknemer geen finale kwijting heeft verleend voor een nog niet uitgevoerde verplichting die uit het Sociaal Plan voortvloeit. Of de voormalig werknemer in aanmerking komt voor de vergoeding valt immers pas drie jaar na de contractbeëindiging vast te stellen. Met andere woorden: het finaal kwijtingsbeding geldt niet voor verplichtingen die nog uit Sociaal Plan voortvloeien. Om deze reden kan de werkgever geen beroep doen op het kwijtingsbeding.

TIPS van Miss Legal

  • Bij de formulering van het kwijtingsbeding moet duidelijk omschreven worden voor welke vorderingsrechten kwijting wordt verleend. Leg bijvoorbeeld vast dat letselschade hiervan is uitgesloten.
  • Leg ook de afspraken vast die niet in de beëindigingsovereenkomst worden opgenomen. Deze afspraken kunnen namelijk ook relevant zijn voor de reikwijdte van het kwijtingsbeding.
  • Wil je meer weten over een beëindigingsovereenkomst? Lees dit blog. Heb je vragen over de juiste formulering van een finaal kwijtingsbeding? Neem contact met ons op!
Share
AUTEUR

Miss Legal is your best friend in legal needs.
MEER ARTIKELEN
Uitnodiging

Summer High Tea

Op 14 augustus organiseert BrandedU samen met Miss Legal het “Summer High Tea” netwerkevenement in Amsterdam voor ambitieuze vrouwen! Zien we je daar?